|
|
| |
Column
Genaaid
Ik ben genaaid. De day after zit ik er nog
steeds een beetje beduusd bij. Mijn laptop
opstarten en koffie zetten,...dat gaat nog net,
maar verder? Het begon zo: in een ambiance
die het midden hield tussen een kroeg en een
informele werkplek ontmoette ik mijn toekomstige
zakelijk partner. Nou ben ik in het geheel niet
zakelijk, maar dit ter zijde, we zouden gaan
samenwerken en ik moest nu maar eens leren mijn
werk vanuit dat oogpunt te gaan bekijken. We
gaven elkaar een hand en in die eerste seconde -
waarin alle zintuigen van je lijf zich voor
één keer
coöperatief gedragen - wist ik het eigenlijk
al,...glad ijs. Erg glad ijs. Maar mijn jaren '70
opvoedingsmantra’s - iedereen verdient een kans,
sta nu maar open voor die ander, eerst rustig
afwachten – galmden dwingend door mijn hoofd en
ik wist dat ik het zou gaan ‘proberen’. “Ik denk
niet dat wij
goed bij elkaar passen.” Dat
had ik natuurlijk tegen haar moeten zeggen.
Meteen. Koffie, een handdruk en ieder zijns
weegs.
Toch? Maar nee, ik ging praten, schuiven,
schipperen en tot mijn grote afgrijzen ook nog
eens enorm lopen stuntelen. Daar had je het al.
Ik leek wel dronken. Mijn zakenpartner keek
eerst verbaasd, toen ronduit chagrijnig en even
later hopeloos. Ik mompelde nog zoiets als
“eerst maar even laten bezinken” en wist niet
hoe snel ik het pand moest verlaten.
In de auto at ik een boterham uit een plastic
zakje, dronk de koude thee van de heenreis en
voelde de tranen achter mijn ogen branden. “Niet
huilen. Ben jij nou gek,” zei ik tegen mezelf,
maar het was al te laat. Gefrustreerd reed ik de
A2 op.
De samenwerking werd niks, erger nog, het werd
een drama. Na weken getouwtrek over ideeën,
ontwerpen, kosten en baten kwam de aap uit de
mouw. Mijn nieuwe ontwerpster voor de covers van
mijn boeken wilde liever sieradenontwerpster
worden. Ach,... “beetje uitgeblust van al dat
werken op het platte vlak.” Oh. “Maar ja,....
geld hard nodig hè.” Ai. Daar schoof het gladde
ijs al onder mijn voeten. Ik wist het! Gelukkig
had ik nog geen offerte getekend, de voorstellen
die mondjesmaat binnenkwamen waren te belabberd,
maar daar had de ontwerpster geen boodschap aan.
Toen ik, weken te laat, ik weet het, de gedoemde
samenwerking beëindigde, dreigde ze een vette
rekening te sturen! Voor de uren die al waren
gemaakt. Ik voelde mijn hart roffelen tegen mijn
ribbenkast. Huh! Uren? Betalen? Voor wat? Voor
mislukte ontwerpen, voor miscommunicatie, voor
oeverloos heen-en-weer gemail, een treinreisje?
Ik werd er ter plekke zakelijk van. En ja, ik
zal voortaan beter luisteren naar mijn intuïtie.
Dat is niet ‘zen’ of ‘mindful’, dat is gewoon
slim.
Reageer
op deze column...
Geschreven op 16 maart 2009 |
|
|
|