|
|
| |
Column
Robin
Ze is overleden. Het 15-jarige meisje uit de
klas van mijn zoon. Aangereden. Gevochten voor
haar leven. Verloren. Overleden. Een kind. Een
meisje. Het nieuws dreunt. Het nieuws beukt.
Tegen het rechtvaardigheidsgevoel. Tegen
onmacht. Tegen de grootste angst van iedere
ouder. Meisje Robin. Overleden. Ik kijk naar
mijn zoon. Onderuitgezakt op de bank. Mijn
mooie, lieve, bokkige puberzoon. Even oud. Wat
gaat er door hem heen? Hij twitterde vorige week
nog in kapitalen PRAYFORROBIN. Duizenden
kinderen en ook volwassenen deden hetzelfde.
Maar het mocht niet baten. Ze heeft verloren.
Van het leven. Het is maandagochtend en de zon
sch(r)ijnt. Zomerse herfst. Mastjaar. Veel
vruchten, eikels en kastanjes. Overvloed van de
natuur. En aan de andere kant dat wrede, wrede
noodlot. Het wegnemen van jong leven. Ik weet
niet goed hoe we moeten praten met onze
kinderen, denk ik uitkijkend over de tuin.
Zonder dat ze het wegwuiven. ‘Maaaam, het gaat
wel met me, echt!’ Pubers. In hun eigen wereld.
Met hun eigen vrienden en gevoelens. Een wereld
die de mijne slechts schampt. Waar ik op afstand
naar mag kijken. Niets van snap soms ook. En
zij? Zij snappen niets van onze wereld. Alles is
‘duf’, ‘saai’ en vooral ‘voor schut’. Wat wij
zeggen en doen. Wat we willen weten. ‘Dat deel
ik met m’n vrienden,’ was zijn antwoord toen ik
probeerde door te vragen. Het mag. Het is goed.
Maar het schrijnt. Schrijnend dat zonlicht op
zo’n duistere dag. Ik denk aan haar ouders, haar
vrienden. Steek een kaars voor ze aan bij het
Mariabeeld. Niet dat het helpt. Of de pijn
verzacht. Die schreeuwende pijn. In alle vezels.
Ik kan me er iets bij voorstellen. Voel
misschien eenhonderdste van wat zij nu moeten
voelen. Ze is overleden. Een mooi jong mens.
Wreed is het.
Reageer
op deze column...
Geschreven op 3 oktober 2011 |
|
|
|