Home Over Katja Boeken Gedichten Columns Nieuwsbrief Contact Nederlands Engels

   
  Lees meer  
  ... naar archief  
     
     
   
  Column

Stenigen
‘We houden van elkaar, wat er ook gebeurt!’ riepen Siddqu en Khayyam, terwijl de volgende steen alweer op hen kwam afvliegen. Door de verhullende Burka konden we haar 25-jarige gezicht niet zien, wel het bloed dat uit haar lichaam stroomde en de blauwe stof langzaam donker kleurde. Ik kijk naar de kuil waarin de vrouw, die wordt beschuldigd van overspel, is neergezet. Een stoffige zandvlakte in Kunduz (Afghanistan). De sterfplek van liefde. De sterfplek van hoop. De sterfplek van vrijheid. De sterfplek van leven. Ik denk aan de intense vreugderoep van een man die meedeed aan de steniging. Zijn euforische haat kerft diepe sporen in wat je als mens kunt verdragen. Ik merk dat ik zijn blik probeer te blokken. Zijn intenties wil vergeten. Zijn taal onvertaald laten. Zijn ziel onbemind. Waar sta je als mens als je een vrouw, een jonge kwetsbare vrouw, kunt doodgooien? Met stenen? Hoe zit je er een uur na haar dood bij? Drink je thee met veel suiker? Eet je iets hartigs, ga je douchen, de krant lezen, tv kijken, je vrouw nemen? WAT doet de ziel van een mens die een ander met stenen doodt? Gaat die ziel een eigen leven leiden? Los van de handen waar bloed aankleeft? Los van vonkende ogen vol wrok en haat? Los van de kracht waarmee de stenen werden vastgepakt en weggegooid? Die ziel, ooit misschien ook zacht en menslievend, moet een vlucht nemen. Of is die ziel zwartgeblakerd? Morsdood? Vergaan welhaast? Ik betrap mezelf erop dat ik het beeld van de half ingegraven vrouw in Burka niet van mijn netvlies krijg. Het beeld waarvan voorheen alleen verhalen bestonden is nu opeens zichtbaar. Niet dat die zichtbaarheid de werkelijkheid reëler maakt. Dat beeld is bijna surrealistisch. Als ik probeer het filmpje van de steniging terug te zoeken voor deze column stuit ik op de meest verschrikkelijke sites waarop mensen anoniem van alles roepen over stenigen. Dat het prima is bijvoorbeeld dat moslims elkaar op deze manier uitroeien. Ik zucht. De anonieme inzender, de anonieme mening-verkondiger op het internet is sowieso niet serieus te nemen. Die mensen moeten we vooral stelselmatig negeren. Wie de tijd heeft te reageren op allerlei blogs heeft niet veel omhanden. Wie zonder naam schoffeert en beledigt zou eens naar binnen moeten kijken. Naar de letters van wanhoop, frustratie en onmacht die laf naar buiten sijpelen. Zonder naam. Natuurlijk, zonder naam. Blijkbaar kunnen en durven veel kwaadsprekers geen handtekening te zetten onder hun eigen aantijgingen. Het zou getuigen van moed als mensen staan achter hun woorden, staan achter hun daden. In zekere zin is de man die met zijn hoofd in beeld komt tijdens de steniging een voorbeeld van gezicht tonen. Wrang maar waar. De duivel in hoogst eigen persoon liet de wereld sidderen, nadat misschien wel zijn laatste steen de definitieve doodsklap was voor Siddqu en haar 6 jaar oudere geliefde Khayyam. Maar met de dood van de twee geliefden ‘stierf’ ook de menselijkheid van de daders.

Reageer op deze column...


Geschreven op 1 februari 2011
 

Sitemap