|
|
| |
Column
Vreemdgaan
De blik die je vangt is anders. Maar je weet
niet 'wat' er nou precies anders is. Je ziet
iets aan hem. Of haar. Aan tafel kijk je nog
eens goed. Je schudt meewarig je hoofd. Zit er
lippenstift op zijn boord? Ruikt ze naar
kruidige mannenaftershave? Je voelt ‘s avonds
toch nog even voor de zekerheid in de zakken van
zijn kostuum. Niks!
Vandaag de dag kunnen mannen en vrouwen deze
ouderwetse opsporingstrategieën gewoon
overslaan. Open, als je daar de kans toe krijgt,
de inbox van de telefoon van je partner. De Volkskrant
kopt: “Oude sms'jes behouden hun schaduw.” In
dit eigentijdse artikel, geschreven door Laura
Holson van de New York Times en vertaald door de
Volkskrant, staat dat sms'jes de nieuwe lippenstift zijn
op de boord van het hemd van je echtgenoot. Aha!
Dat je het maar weet. Bij een vaag
onderbuikgevoel dus even een digitaal spoor
volgen. “Veel mensen,” zo zegt de Volkskrant, “gaan ervan
uit dat sms'en vluchtig en anoniem is.” Mis!
“Sms'jes kunnen achterblijven op de telefoon van
de zender, en op die van de ontvanger. En zelfs
als ze zijn verwijderd, bewaren telecomconcerns
ze soms dagenlang op onbekende computers.” Holson schrijft verder: “Echtscheidingsadvocaten
zagen het afgelopen jaar een toename van het
aantal gevallen waarin een bedrogen echtgenote
met behulp van een tekstbericht aantoonde dat de
geliefde een scheve schaats had gereden. Deze berichten kunnen dienen als
bewijs.”
Ach ja, die goeie, trouwe mobiel “als
verlengstuk van jezelf.” Zo had ik het nog niet
bekeken. Ik heb een oude Nokia en ben het ding
al 2x verloren. Twee keer ook teruggekregen. Hoe
genereus! Ik ken het gevoel, de paniek, de
wanhoop van het moment, dat je ontdekt dat je
mobiel zoek is. Die ene keer was ‘ie gewoon uit
de zak van mijn spijkerbroek gevallen. Op zacht,
verend herfstblad vlakbij de school achter ons
huis. Toen ik met de huistelefoon mijn eigen
mobiele nummer belde nam een giebelend kind aan.
Ik riep en smeekte, maar van schrik zette het
kind MIJN telefoon uit. Nou, lekker. Hoe krijg
je zo’n ding ooit nog terug? Even later zag ik
een lerares rondjes fietsen in de buurt van ons
huis. Met een mobiel in haar handen. Ik rende op
goed geluk op haar af en vroeg hijgend of ze
misschien mijn mobiel had gevonden. JA! Hoe is
het mogelijk. Het kind had de telefoon mee de
klas in genomen en toen ik belde had mijn
ringtone de gevonden ‘schat’ verraden. Nu zit
er dus een grote, debiele sticker op mijn mobiel
met mijn thuisnummer. Want, nog een keer
verliezen blijft verloren. Dat snap ik ook wel.
Ik dacht meteen ook aan de inboxberichten. Wat
zouden die kinderoogjes lezen? Mijn broeierige
conversatie met manlief? Stond die er nog op? Of
die flirterige woorden van een goede vriend? Ik
wist het zeker. Voortaan zou ik iedere dag, echt
iedere dag, dat ding opschonen. Een gewoonte
moest het worden. Net als tandenpoetsen,
autogordel omdoen, ontbijt maken, kinderen
goedenacht kussen. Toch? Nou, ik had het ding
nog geen week terug of mijn kinderen kwamen,
gierend van de lach, met mijn mobiel aanrennen.
“Mam, hier lees eens” en ze schoten proestend
van de lach in een stapel kussens op de bank.
“Wat? Wat staat daar!” brieste ik spinnijdig.
“Geef hier dat ding! Van mij,” zei ik
kinderachtig en nog net niet stampvoetend. Ik
opende de inbox. Met kapitale letters stond er:
“WILT U OOK EEN ZONNIG SEKSLEVEN, SMS ONS OP 1432
EN U ONTVANGT GRATIS TIPS VOOR HETE NACHTEN.
Ik lachte hard en schel. De kinderen waren
inmiddels gestopt met hun geschater. Ze keken me
stomverbaasd aan. “Vind je dat niet voor schut
mam?” “Voor schut?” zei ik. “Nee joh, dit is
gewoon spam. Mobiele spam.” En ze keken
verschrikt, als konijnen in een koplamp. “Mobiele spam? Bestaat
dat ook al?” “Nou en of,” mompelde ik en stak
mijn “mobiele schaduw” schuldbewust bij me.
Reageer
op deze column...
Lees
ook het nieuwe gedicht van deze week...
Geschreven op 17 december 2009 |
|
|
|