|
|
| |
Column
Zestien keer
‘Ik heb vandaag zestien keer gehoest?’ Je
zegt het achter me in de auto. Ik hoor je
kinderstem en schiet in de lach. ‘Heb je dat
geteld dan?’ ‘Ja, tuurlijk dat wilde jij toch
weten mam? Gisteren vroeg je aan me “heb je vaak
gehoest op school?” Nou, dus heb ik dat vandaag
maar even voor je geteld.’ Helder. Volstrekt
helder. Ik ben verbaasd en stil. In de drukte
van de dag zet mijn zoon mijn razende gedachten
in slomotionstand. Daar waar wij alweer
doordraven, bezig zijn met de volgende actie,
heeft hij kinderlijk eenvoudig voldaan aan een
logische vraag. En op logische vragen volgen
logische antwoorden. Hij gaat nog even verder.
Mijn zoon. ‘Als ik er vandaag nog vaak aan denk
onthoud ik het aantal wel voor je.’ Nou fijn.
Handig ook. Zou ook iets voor mij zijn zo’n
systematisch geheugen. Waar opmerkingen,
getallen, data, opdrachten en andere belangrijke
zaken, op kalendervolgorde genoteerd staan. Dat
is helaas niet zo! Gek genoeg weet ik uit mijn
kindertijd details die zó volstrekt nutteloos en
uitgebreid zijn dat ik er zelf af en toe gek van
word. Mijn harde schijf is ermee dichtgemetseld.
Kleuren, geuren, stoffen, patronen, interieurs,
sluipweggetjes, hutten, poppen, speelgoed,
gezichten, woorden, ja zelfs hele zinnen,
verschijnen op afroep voor mijn ogen. Ik proef
ze op mijn tong en beleef ze. Opnieuw. Voor de
zoveelste keer. Gemakkelijk voor iemand die eens
iets vergeet. Alleen wil niemand deze info.
Nooit vraagt er iemand, ‘goh, zeg dat gordijn in
de keuken van je oude huis, had dat nou
soldatenmannetjes of soldatenvrouwtjes als
motief? Niemand wil weten hoe, en vooral wat, ik
vroeger sprak met mijn bedmaatjes Meneer Beer en
Pop Vriendinnetje. Welke vergaderingen ik
belegde in bed als er een nieuwe knuffel in mijn
leven verscheen. Een soort van introductieronde
zeg maar. En wie mij op 7-jarige leeftijd een
spiekbrief gaf met tafels? Mijn zoon babbelt
achter mijn stoel rustig verder. Ik denk opeens
aan zijn bed. En zijn grote wijd open ogen als
ik ‘s avonds om negen uur nog even langs zijn
kamer loop. ‘Slaap je nog niet liefje?’ ‘Nee.
Ben even met mijn knuffels aan het praten.’
‘Aah, da’s oké. Doe ze de groeten van me.’ ‘Doe
ik mammie.’ ‘Trusten schat. Voor straks dan.’
‘Trusten mam.’ Ben benieuwd of hij later net als
ik al deze herinneringen pasklaar voorhanden zal
hebben. Het familiearchief op onuitwisbare
schijf. Misschien moet ik maar eens wat van mijn
eigen gedetailleerde herinneringen gaan
vastleggen. Zou je ze zo uit je hoofd schrijven?
Denk eens aan al die ruimte die vrij komt! Leve
de lege ruimte!
Reageer
op deze column...
Geschreven op 07 maart 2009 |
|
|
|