Home Over Katja Boeken Gedichten Columns Nieuwsbrief Contact Nederlands Engels

   
  Lees meer  
  ... naar archief  
     
     
   
  Column

Zucht
Hoe kan de dag zo zuchtend om je heen hangen? Het is een gewone dag. Een sombere dag. Dat wel. Geen bijzondere afspraken. Een dag om geconcentreerd te werken eigenlijk. Alleen kan ik me niet concentreren. Zucht. Dat is één. En zo volgen er meerdere zuchten. Van een vriend met een eigen bureau (hij is vandaag jarig bedenk ik me opeens) hoorde ik een goeie grap. Zijn kersverse bedrijf was zó brandnew dat de telefoon nog niet een keer was gegaan. Ten einde raad belde hij zijn moeder en vroeg haar zo nu en dan eens te bellen naar het kantoor. Die rinkelende telefoon gaf hem weer een beetje moed. Wie zal ik eens vragen mij zo nu en dan te bellen? Mijn moeder is ziekjes en heeft vast geen zin in mijn onzinnige grap. Mijn vrienden zitten vast allemaal in vergadering en mijn connecties, tja, die kan ik hiermee niet lastigvallen. Zij MOETEN me juist bellen. De motivatie is dus ver te zoeken. Mezelf opsluiten en woest gaan tikken? Er komt altijd wel wat uit. Kan? Alleen heb ik die verdomde zucht aan mijn kont hangen. Daarmee gaan we het niet redden vandaag. Dan gaat de bel. Pakketdienst. Gaat het toch nog iets worden? Het zijn twee boeken van de fabuleuze schrijver Niccolò Ammaniti. Kijk! Dat bedoel ik. Daar neemt de dag een kleine vlucht. Ik haal je op en neem je mee is de ene. Het laatste oudejaar van de mensheid de tweede. Ik neem me voor met de dikste te beginnen. Meteen. De zon gaat zowaar een beetje schijnen. Ammaniti. Ik zag hem afgelopen zondag op het eindfeest van de boekenweek in Panama Amsterdam. Op het oog een hele gewone jongen. Je zou hem bij wijze van spreken zo voorbij lopen. Hij zat een beetje in elkaar gedoken op een barkruk terwijl hij werd geïnterviewd. En wilde wel voorlezen. Italiaanse literatuur. Zucht (dit was een positieve zucht trouwens). Geen woord verstaan en toch genoten. Dat kan blijkbaar samengaan. Het mooiste moment vond ik toen Ammaniti druk door zijn Italiaanse boek begon te bladeren op het moment dat Herman Koch uit de vertaalde Nederlandse versie ging voorlezen. Natuurlijk! Hij wilde horen hoe zijn prachtige Italiaanse woorden in Nederlandse ggggs en schschs zijn oren zouden binnendringen. Dat gezicht van hem?! Het citaat uit Ik haal je op en neem je mee : “Wat zou het fijn zijn met één druk op een knop zijn brein te kunnen schoonwassen. Die zachte lippen uit zijn hoofd wegspoelen, die smalle enkels, die trouweloze, betoverende ogen”, in het Italiaans. Uitzinnig veel mooier dan mijn schrapende moedertaal. “En je motivatie? Waar haalt je je motivatie vandaan?”, was een van de vragen aan Ammaniti. Zijn antwoord even simpel als ontroerend. “Door drie maanden in bed te blijven liggen. Daar ontstaat het verhaal voor een nieuw boek.” Mijn mond was inmiddels zover opengezakt dat een por van mijn lief hem in een klap deed dichtslaan. Oh, pfieuw. Wat een tekst. Wat een schrijver. Binnenkort ga ik beginnen. Aan mijn nieuwe roman. Drie maanden bed zal niet gaan, maar een week op een gestoffeerde kamer in Amsterdam? Meivakantie? Moet lukken. Het boek laat me niet meer los op deze herfstige lentedag. De wind waait koud en gevoelloos langs de ramen. Maar ik heb het boek van Ammaniti. Het boek. Mijn boek. Mijn dag. Sospiro!

Reageer op deze column...
 
Geschreven op 24 maart 2009
 

Sitemap